Het afscheid van een voetballer

Harm, de vriend van mijn moeder, is een gepassioneerde amateurvoetballer. Mijn moeder gaat graag naar hem kijken tijdens zijn trainingen. Meestal blijft ze tot de training is afgelopen. Dan wandelen ze samen arm in arm naar huis en drinken ze bij zijn ouders of bij mijn grootouders nog een kopje thee.

Het is najaar en er waait een stevige, koude wind. Harm traint met zijn voetbalvrienden. Mijn moeder staat aan de kant te kijken maar krijgt het koud en besluit naar huis te gaan. Ze zwaait naar Harm en hij zwaait terug.

Mijn grootouders zijn verbaasd als ze mijn moeder zonder Harm zien thuiskomen. Maar realiseren zich dat de kou mijn moeder van het voetbalveld heeft verdreven. Er staat een pot geurige erwtensoep te pruttelen op het vuur. Ook Wim en Piet, de broers van mijn moeder, komen thuis. Grootmoeder zet de borden op tafel en serveert haar eigengemaakte, inmiddels beroemde erwtensoep.

Het is een gezellige avond waarbij mijn moeder uitvoerig over haar grote liefde Harm vertelt. Rond 23 uur is het bedtijd en zoekt ieder zijn slaapkamer op. Zo ook mijn moeder. Ze valt bijna direct in een diepe slaap. De nacht zou vredig en normaal zijn verlopen ware het niet dat mijn moeder om middernacht plotseling gewekt wordt door haar vriend Harm.

“Wat kom jij hier doen?” vraagt ze hem geamuseerd. Harm antwoordt niet. Hij blijft haar bijna onbeweeglijk aanstaren. Als mijn moeder nog wat aan hem vraagt verdwijnt hij plotseling uit haar kamer. En dan realiseert ze zich dat Harm nog nooit in haar slaapkamer is geweest. Mijn grootouders zijn super christelijk. Een vriend meenemen naar je slaapkamer was uitgesloten.

Mijn moeder is klaarwakker. Ze maakt zich ongerust over Harm, stapt haar bed uit en wekt mijn grootouders. Mijn grootvader gelooft heilig dat er meer is tussen hemel en aarde. Hij zegt: “Harm kwam afscheid nemen van je Elisabeth. Er moet iets vreselijks zijn gebeurd.” Dat was ook waar mijn moeder onmiddellijk aan dacht.

Een particulier met een telefoon was in die jaren een zeldzaamheid. Mijn grootouders hadden geen telefoon en de ouders van Harm ook niet. Mijn grootvader twijfelt of hij wel of niet naar de ouders van Harm zal lopen. Stel je voor dat er niets aan de hand is en hij die mensen midden in de nacht wakker maakt. Na wikken en wegen durft mijn grootvader het niet aan.

Het wachten is op het ochtendgloren. De tijd verstrijkt tergend langzaam. Als de wijzers van de klok eindelijk 7 uur aanwijzen gaat de bel. Er staat een politieman voor de deur die naar mijn moeder vraagt. Hij heeft een jobstijding: Harm is dood! Wat is er gebeurd? Harm kreeg een bal tegen zijn hoofd waarop een hersenbloeding ontstond. Hij werd met spoed naar het ziekenhuis gebracht maar het was al te laat. Nee, mijn moeder mag hem niet zien. Zijn hoofd is opgezwollen, die vreselijke aanblik wil men haar besparen.

Mijn moeder vraagt naar het tijdstip van zijn overlijden. Dat moment blijkt vrijwel op de seconde nauwkeurig de tijd te zijn waarop Harm bij haar in de slaapkamer stond.

Harm, die afscheid kwam nemen, is een gebeurtenis die vele malen door mijn moeder is verteld. Het bracht haar ertoe zich in de paranormale wereld te verdiepen. Dat heeft ze tot aan haar dood in 2001 gedaan. Zo leerde ik door mijn moeder Jelle Veeman kennen.