De wonderbaarlijke fruitschaal

Vorige week was ik na vele jaren in Zandvoort. Ooit was Zandvoort mijn vaste zomerresidentie. Bij mooi weer verbleef ik op het onvolprezen naaktstrand. ’s Avonds was ik dan te vinden in de diverse kroegen en eethuizen die Zandvoort rijk was. Ik had er ook een paar vaste stapvriendinnen. Een daarvan was Karin.

We leerden elkaar op het strand kennen. Karin maakte deel uit van een vast groepje Zandvoorters of moeten we schrijven Zantvoortenaren? Enfin, ik mocht me bij hen aansluiten en heb heel wat gezellige avonden met ze beleefd.

Op een gegeven moment leerde ik Karin wat beter kennen en nodigde ze mij uit bij haar thuis. Ze woonde in een oude stadsboerderij pal naast een pittoresk dorpscafé in een achterafstraatje. Die boerderij was klein en viel bijna niet op totdat je voor de ingang stond. Het was een monumentje met van die schattige rood/wit/groene luiken en een toegangsdeur in twee delen.

De keuken was in stijl met een nog werkende waterpomp en een groot, antiek ATAG fornuis. De huiskamer was echter een openbaring. Op de antieke vloerdelen een immens grote design bank en twee opvallende fauteuils van toonaangevende meubelontwerpers. Aan de wanden moderne kunst van kunstenaars die Karin persoonlijk had gekend. De fraai vormgegeven houtkachel stond er voor de sier. Bang voor brand werd er nooit in gestookt. Ik zou bijna het zilver gespoten dressoir vergeten, uiteraard het ontwerp van een internationaal bekende designer.

De oudere inwoners van Zandvoort hebben onbekommerd veel geld verdiend aan de verhuur van kamers aan de Duitse toeristen. Tot aan de jaren ’90 werden die inkomsten niet of nauwelijks aan de Fiscus opgegeven. Ze kochten er huizen en inboedel van. Karin had het geluk dat ze de enige erfgename was van aan de verhuur rijk geworden tantes. Zo kwam ze aan een kapitaal waardoor ze nooit meer hoefde te werken.

Karin kocht kunst van haar erfenissen en reisde over de wereld de Rolling Stones achterna waarvan ze een enorme fan was. In de gang van haar huis hing een foto van Mick Jagger ten voeten uit. Ik zie ons nog staan op het Museumplein tijdens het concert van de Stones in Paradiso. Dat konden wij gratis op grote schermen volgen.

Op een dag bezoek ik Karin in haar sfeervolle boerderij. Als ik de huiskamer binnenkom valt mij onmiddellijk een afschuwelijke uitbundig gedecoreerde fruitschaal op. Hij staat vloekend van wansmaak op het zilveren design dressoir. Wat is dit? Karin zegt dat ik goed moet kijken naar wat onder de walgelijk lelijker fruitschaal ligt. Dat is een artikel uit de weekendbijlage van de Telegraaf. Op de voorpagina een levensgrote foto van de fruitschaal waar ik tegenaan kijk. Nee, het is niet dezelfde fruitschaal maar zijn “broer” Onlangs geveild voor het astronomische bedrag van 140.000 DM.

De schaal gemaakt in 1932 door een beroemde Duitse kunstenares was een veilingtopstuk. Van deze schaal zou ergens op de wereld nog een tweede exemplaar moeten zijn, zo lees ik in het artikel. Maar die schaal is onvindbaar….. Nou onvindbaar is een relatief begrip, want hij staat nota bene voor mijn neus! Musea zouden een vermogen over hebben om die tweede schaal te kunnen kopen. Ik kijk Karin vol verwachting aan. Ze glimlacht en zegt dat ze haar verzekering heeft gebeld. Nee, verkopen doet ze niet. Het geld heeft ze immers niet nodig.

Maar hoe komt ze aan deze schaal? Toen haar tante overleed kreeg Karin haar huis en de inboedel. Het merendeel ruimde ze op. De schaal bracht nostalgische gevoelens naar boven. Hij werd door haar tante gebruikt als fruitschaal. Er lagen altijd mandarijnen op. Als Karin in haar kindertijd op bezoek was en afscheid nam, mocht ze van die schaal een mandarijntje pakken.

De schaal werd samen met vele andere erfstukken op de zolder van de boerderij bewaard. Weggooien of naar de Kringloop was wel het plan maar het stond niet in de weg. Bij toeval las Karin het artikel in de Telegraaf. Die schaal kwam haar heel bekend voor. Ze ging zoeken op de zolder en jawel, dik onder ’t stof lag daar de schaal van haar tante die ooit in Duitsland had gewoond en de schaal blijkbaar toen gekocht had van de kunstenares.

Dit amusante verhaal schoot me te binnen toen ik vorige week in Zandvoort was. Met een beetje zoeken vond ik haar huis. Er was niemand thuis. Ik keek door het raam en zag alleen het zilveren dressoir nog staan. Zou Karin nog leven?

De buren gaven mij antwoord. Helaas, Karin overleed tien jaar geleden aan kanker. Haar erfgenaam verhuurt de woning aan toeristen. Ook de kroeg bestaat niet meer. Dat zijn nu luxe appartementen. En de schaal? Zou hij nu toch verkocht zijn aan een museum?

De foto bij dit verhaal is niet het museumstuk maar een schaal van een Duitse ontwerper die gewoon te koop is.