De spoken van kasteel Sterkenburg

Vooral kinderen vinden het geweldig als je over kastelen en spoken begint. Ons land telt 400 kastelen en landhuizen. Kastelen zijn oud, dus horen er volksverhalen bij. In veel van die verhalen spelen geesten een rol. Dat is verklaarbaar.

De bewoners van de kastelen waren van adel en hadden veel macht. Wat zich achter de dikke muren van de kastelen afspeelden was niet bestemd voor het gewone volk. Daarom fantaseerden men er lustig op los. En soms waren die fantasieën niet eens zo ver van de waarheid.

De meeste kastelen zijn gebouwd rondom de donjon. Een donjon is een hoge uitkijktoren en feitelijk de voorloper van het echte kasteel. Vanaf de donjon konden de ridders de omgeving in de gaten houden en bij een aanval hun bezit verdedigen. De ingang zat hoog en kon alleen met een ladder bereikt worden. Die ladder werd naar binnengehaald zodra de vijand verscheen. Die werd met pek en pijlen vanaf het dak van de donjon bestreden.

We praten dan over omstreeks 1200. Al snel bleek een donjon een slechte beveiliging tegen vijanden te zijn en ontstonden omstreeks 1300 de burchten er omheen. De donjon behield nog lang zijn functie als uitkijkpost maar raakte geleidelijk in onbruik. Dat gold ook voor de torenkamer van de donjon. Het is de torenkamer die spreekt tot onze verbeelding.

Emancipatie bestond niet in de middeleeuwen. Als dochter van een kasteelheer was je overgeleverd aan zijn grillen. Het was gebruikelijk dat je werd uitgehuwelijkt. De huwelijkskandidaat werd zorgvuldig uitgekozen op basis van zijn afkomst, macht en zijn bezit. Een huwelijk was altijd een strategische keuze. Vrouwen hadden niets in te brengen.

Maar er waren meisjes/vrouwen die zich toch tegen een opgedrongen huwelijk verzetten. Dat was dom want daarmee riskeerden ze een opsluiting in de torenkamer. De kans op een hongerdood in eenzaamheid was dan groot. Ontsnappen uit de torenkamer kwam slechts sporadisch voor. Mocht dat lukken dan was ze nog niet in veiligheid. De manschappen van je vader wisten je wel te vinden.

De vrouwen die op een gruwelijke wijze in de torenkamer aan hun eind zijn gekomen namen wraak. Ze blijven tot op de dag van vandaag in het kasteel wonen maar nu als spook. Het kasteel Sterkenburg in Driebergen is daar misschien een voorbeeld van. Het kasteel heeft een donjon die omstreeks 1196 is gebouwd. Sterkenburg is een schitterende B&B waarbij de kamers in kasteelstijl zijn gedecoreerd. De duurste kamer is die in de top van de donjon. Maar dat komt omdat je er het kasteelspook bij krijgt. Dat is geen rustgevende gedachte maar wel heel spannend.

De verhalen van gasten die verklaren tijdens hun verblijf in de torenkamer het kraken van deuren en traptreden, windvlagen, lampen die beginnen te zwaaien en kloppen op de muur meegemaakt te hebben zijn legio. Maar wie zou de geest, die rusteloos door het kasteel doolt, kunnen zijn? Is het een ongehoorzame jonkvrouw die opgesloten in de toren haar laatste adem uitblies of iemand anders?

De bron van het kwaad schijnt gezocht te moeten worden in de geest van Anthony van Aeswijn, 32 jaar oud de eigenaar van Sterkenburg, wiens levenloze lichaam (neergeschoten alsmede onthoofd) op 6 juni 1647 werd aangetroffen in de bossen nabij het kasteel. De Staten van Utrecht beloofden de dader vergiffenis indien hij zich zou melden maar dat gebeurde niet. En ondanks de uitgeloofde beloning van driehonderd florijnen zijn de dader alsmede het hoofd nooit gevonden.

Anthony van Aeswijn was een jaar voor de moord getrouwd met Margaretha Torck van Nederhemert. Waarschijnlijk is er iemand jaloers geweest en besloot het huwelijksgeluk wreed te beëindigen.

Wie zich in de geschiedenis van het kasteel verdiept ziet dat er uitzonderlijk veel sterfgevallen in de families zijn geweest die het kasteel hebben bewoond. Als al hun geesten nog in en rondom het kasteel spoken dan is er van rustig slapen geen sprake. Toch schijnt dat volgens de huidige eigenaren mogelijk te zijn. Daar moeten we dan maar op vertrouwen.

Kamers